Maar jullie zullen kracht ontvangen wanneer de Heilige Geest over jullie komt. En jullie zullen mijn getuigen zijn en overal over mij vertellen: in Jeruzalem, in heel Judea, in Samaria en tot aan de uiteinden van de aarde.
—Handelingen 1:8
Ik ben altijd geïnteresseerd in de laatste woorden van mensen. Wat was het laatste wat je iemand hoorde zeggen voordat hij stierf?
Jezus stierf niet, maar Hij ging weg. En dit waren de laatste woorden die Hij aan de discipelen gaf voor Zijn hemelvaart: “Mij is alle macht gegeven in de hemel en op de aarde. Ga daarom op weg en maak alle volken tot mijn leerlingen, door hen te dopen in de naam van de Vader en de Zoon en de Heilige Geest. Leer deze nieuwe leerlingen dat ze zich moeten houden aan alle geboden die Ik jullie gegeven heb. En wees ervan verzekerd dat Ik altijd bij jullie ben, tot aan de voleinding van de wereld” (Matteüs 28:18–20 NBV).
Hoe zouden ze dit vanuit een menselijk standpunt voor elkaar krijgen? De apostelen waren absoluut niet klaar voor zo'n taak. Er waren dingen die ze nog steeds niet begrepen. Hun geloof was zwak. Ze hadden gefaald in hun openbare getuigenis en ook in hun privégeloof.
Simon Petrus, hun erkende leider, had immers openlijk de Heer verloochend. Hoe kon Jezus dan verwachten dat Petrus en de andere discipelen de wereld in zouden gaan en het evangelie zouden prediken?
Ze zouden het doen met een kracht die ze nog nooit eerder hadden gekend, een kracht om de wereld te veranderen. Jezus vertelde hen: “Maar jullie zullen kracht ontvangen wanneer de Heilige Geest over jullie komt. En jullie zullen mijn getuigen zijn en overal over mij vertellen: in Jeruzalem, in heel Judea, in Samaria en tot aan de uiteinden van de aarde” (Handelingen 1:8 NBV).
Dit was de kracht om een getuige te zijn, de kracht om hun geloof te delen en de kracht om te doen waartoe Jezus hen had geroepen.
Dezelfde kracht die God uitstortte op de dag van Pinksteren is vandaag de dag voor ons beschikbaar. Sprekend op Pinksteren over de belofte van de Heilige Geest, zei Petrus: “Deze belofte is voor u, voor uw kinderen en voor hen die ver weg zijn, allen die geroepen zijn door de Heer, onze God” (Handelingen 2:39 NBV).
Dat geldt ook voor ons.
Er zijn twee gevaren waar we in kunnen trappen als we naar deze dingen kijken. De eerste is om verder te gaan dan de Schrift of deze zelfs tegen te spreken. En helaas heeft veel van wat sommige mensen vandaag de dag doen in naam van de Heilige Geest weinig of niets met Hem te maken. Veel te vaak schrijven ze hun bizarre of afwijkende gedrag toe aan de Heilige Geest. Als gevolg daarvan deinzen we ervoor terug.
Het andere gevaar, dat net zo erg is, is om te verzuimen om iets te zoeken dat de Schrift ons biedt. Het is om te zeggen: "Nou, omdat ik het niet heb, dan moet het wel niet echt zijn."
Toch heeft de Bijbel elke gelovige een dimensie van kracht beloofd om een getuige te zijn voor Jezus Christus. Merk op dat Jezus de discipelen niet vertelde dat Hij de Heilige Geest zou geven aan degenen die Hem smeekten of Hem smeekten. We hoeven Hem alleen maar te vragen. En als we niet alles ontvangen wat God voor ons in ons leven heeft, wordt dat het blussen van de Geest genoemd.
Heb jij om deze macht gevraagd?